Biopsie van de sentinelklier

Tijdens de ingreep om een kwaadaardige invasieve borsttumor te verwijderen, is het ook mogelijk om de locoregionale uitzaaiing in de okselklieren te evalueren. Met deze procedure poogt men de ernst en uitgebreidheid van de ziekte te bepalen. Aan de hand van de aantasting van de okselklieren zal bepaald worden of bijkomende (of adjuvante) therapieën zoals chemotherapie, radiotherapie, immuuntherapie en/of hormoontherapie, noodzakelijk zijn. Bij grote of invasieve borsttumoren of wanneer er meerdere kleine invasieve tumoren in de borst aanwezig zijn, worden alle klieren in het onderste deel van de oksel verwijderd.
De meer agressieve chirurgie die vroeger werd toegepast en waarbij alle lymfeklieren rond de bloedvaten en zenuwen van de arm en achter het sleutelbeen werden weggenomen, bleek enkel meer complicaties te veroorzaken zonder bijkomende informatie te verschaffen.


De belangrijkste complicaties waren lymfoedeem van de arm en chronische zenuwpijn in de arm. Lymfoedeem (onvoldoende drainage van lymfevocht, resulterend in vochtopstapeling in het aangetaste lidmaat) is nog steeds de meest frequente complicatie van okselchirurgie, maar wordt tegenwoordig toch minder gezien door het toepassen van een meer conservatieve chirurgie. De kans op lymfoedeem neemt wel toe wanneer de oksel bestraald wordt.

Wanneer de tumor kleiner is dan 2 cm wordt de sentinelklier procedure toegepast. Voorafgaand aan de ingreep spuit men een licht radioactieve stof in rond de tumor. Deze stof zal zich via de lymfebanen verplaatsen naar de klieren in de oksel. De eerste okselklier die bereikt wordt door de stof zal de meeste radioactiviteit vertonen (de sentinelklier of poortwachterklier genoemd, fig. 1). Zouden er zich kwaadaardige cellen van de borsttumor hebben losgemaakt dan zouden deze ook via de lymfevaten naar die eerste lymfeklier migreren.

Figuur 1: identificatie van de sentinelklier

De techniek bestaat erin tijdens de operatie met een gevoelig toestel dat de radioactiviteit meet (Geiger counter), de sentinelklier op te sporen. Vervolgens wordt deze klier uitgesneden en histologisch onderzocht. Wanneer de sentinelklier vrij van tumorale cellen is, dan is het overbodig de andere lymfeklieren in de oksel te verwijderen. Een biopsie van de sentinelklier is een minimaal invasieve en kortdurende procedure.De neveneffecten, inclusief de kans op lymfoedeem, zijn uiterst beperkt.


Wanneer de sentinelklier kwaadaardige cellen bevat, gaat men over op een conventionele verwijdering van de klieren in het onderste deel van de oksel (een okselklieruitruiming) in een bijkomende chirurgische ingreep (fig. 2).

Figure 2: okselklieruitruiming